Ademhalen is een godsgeschenk (en behoorlijk bevrijdend)

Ik heb een tijdje nagedacht over een goede manier om 2021 te thematiseren maar het lukte me niet omdat dit het minst inspirerende jaar is dat ik ooit heb meegemaakt, dus uiteindelijk heb ik gekozen voor een aantal lessen die ik heb geleerd, om er zo toch iets goeds aan over te houden. In 2021 waren we een ware ziekenboeg: ik begon in januari met gekneusde knieën (ik voel me verbonden met Elza uit Frozen omdat de Vesting was veranderd in een prachtig winterlandschap), mijn moeder kreeg last van schouderklachten en een muisarm (RSI), di papa had aanhoudende migraines met een hoge bloeddruk, mijn tante moest naar de cardioloog en de rest van de tijd kwam ik over de vloer bij mijn wekedelenreumapeut.

We zitten nog steeds in hetzelfde schuitje als in 2020, dus tussendoor was er altijd wel iemand met een Houellebecq humeur (mama), grieperig (Emile), met een voedselvergiftiging (papa), een gescheurde enkelband (mama), een liesbreuk (Emile/schoonpapa), lockdown moe (vooral onze Pitout slaakte diepe zuchten) en ondanks dat mijn ogen zich de eerste paar jaar nagenoeg niets van mijn reuma aantrokken, zat ik het afgelopen jaar bij de oogarts omdat ik myopisch as fuck (lees: volledig kippig) ben geworden. Tussendoor is mijn trommelvlies nog even gescheurd waardoor ik twee weken in een soort onderwaterwereld leefde. Tenslotte kreeg ik als klap op de vuurpijl iets wat zo covid-vormig was dat mijn vader ondanks mijn zelftest niet vertrouwde dat het geen omikron variant was. Misschien was ik ondanks mijn dubbele Pfizer shots één van de eerste sollicitanten op omikron. Ik kom dus nooit ergens maar uitgerekend in de nacht dat al die omikron lui aankwamen was ik rondjes op de tochtige gates op Schiphol aan het rennen om mijn Mr. Double Espresso terug te vinden. Eerlijkheid gebiedt me te zeggen dat ik over het algemeen erg alert ben op covid-symptomen en mezelf bij drie kier niezen meteen als een victoriaanse vampier weer mijn quarantainekist in dagger, maar het begon dit keer met zo’n klein kriebelhoestje dat ik ons huis onderzocht op tochtgaten en verbaasd wakker schrok toen het onschuldige hoestje zich ’s nachts als klimop in mijn longen had vastgezet. Mijn vader gaf een paar weken later tocht strips omdat we monumentaal glas hebben wat fancy schmanzy klinkt maar betekent dat de wind door de ramen waait.

Van het bovenstaande panikeerde ik niet echt, omdat ik als kind een longontsteking, kinkhoest, inspanningsastma (door de mini-littekens op mijn longblaasjes) en als resultaat daarvan weer hyperventilatie (#neuroot) heb gehad (ik kreeg kinkhoest nadat ik was gevaccineerd tegen kinkhoest, maar zie je mij drama schoppen over vaccins?) Waar ik wel paniekerig van werd, was dat ik onafgebroken begon over te geven nadat ik mijn hoest succesvol had weggevixed (kruiden zijn mijn leven). Na negen keer achter elkaar overgeven voel je jezelf wel een uitgewrongen vaatdoek, maar de huisarts told me to stick it out omdat ik geen koorts had, eigenlijk gedroeg ze zich alsof ik de minste van haar zorgen was, wat ik zowel begrijpelijk als verontrustend tegelijk vond, want dat zei ook iets over de toestand van de mensen die er wel ernstig aan toe zijn.

Toen mijn maag zich niet langer gedroeg als een vuurspuwende paddenstoel en was gekalmeerd, kreeg ik tenslotte na weken gesodemieter wel verhoging, huilde van pure uitputting en sliep diep onder de zeespiegel. De volgende ochtend lag ik op de bank met dieprode vampierogen omdat ik bloedingen in mijn irissen had gekregen en omdat ik tegen die tijd al meer dan drie dagen geen koffie meer had gehad vroeg ik me sowieso met het humeur van een uitgedroogde vampier af Waarom We Bestaan, Wat We Hier Eigenlijk Allemaal Komen Doen En Of Het Nog Iets Gaat Worden Met Deze Wereld Zonder George (Michael, Steiner, Harrison) (Zelfs de aanwezigheid van George Bush herinnert me inmiddels aan een goede oude tijd). Het voelde nog een paar weken alsof iemand prikkeldraad in mijn buik had gepropt, wat mijn opvlammende gewrichten vrij oud en vertrouwd maakte. Een paar weken later stapte ik weer op de fiets en ontdekte dat ik ook niet meer kon fietsen, tenminste, niet zonder dat het zweet over mijn lichaam uitbrak en ik als een bubble eyed goudvis teugen lucht uit de strakblauwe hemel begon te happen. Ik slingerde verbaasd over de heide zonder vooruit te komen en dacht: Je weet toch nog wel hoe je moet ademhalen? Eenmaal bij mijn moeder inhaleerde ik de damp van de warme koffie (mijn ouders hebben de gouden Douwe Egberts ontdekt waar Emile en ik nu ook verslaafd aan zijn geraakt) met uitgewrongen longen, dacht ik, covid of niet: het is gewoon een godsgeschenk als je vrij kunt ademhalen. Als je die vrijheid op een dag niet meer hebt, dan spreek ik je wel weer met je grote mond vol mankgaande vergelijkingen over al je zogenaamde “ingeperkte vrijheden”.

Sonsbeek: Verdwalen door Wildwood (forest bathing)

Het voelde het afgelopen jaar vaak alsof ik met mijn snoet middenin de sneeuw in IJsland lag. Ik ben heel erg moe van de VVD, van Mark Rutte, van het nepliberalisme, van de richtingloosheid die ons steeds iets dichter bij de afgrond brengt, zoals Lieke Marsman beschreef in het NRC. Die vent kwam rond mijn negentiende op en ik ben nu al een ruime dertiger. Straks is hij er op mijn vijftigste nog. Heb ik een leven lang alleen maar kunnen toekijken hoe de gezondheidszorg, het onderwijs en de boekenwereld compleet gesloopt werden, door een doodsaaie, populistische, meewaaiende machtswolf met de intellectuele diepgang van een kano. En hoe mijn vriendinnen dapper probeerden om desondanks wat moois van hun leven te maken, ondanks de beslissingen die ten koste van ons werden genomen, waardoor onze levens als millennials on hold werden gezet.

Ik ben trots op mijn vriendinnen; op hun veerkracht, op hun discipline en op hun knokvermogen. We sturen elkaar mini-essays, mooie teksten waarin we liefdevolle updates geven en foto’s toevoegen van katten met kruikjes of Taylor Swift in een oldtimer. We luisteren niet meer zo aandachtig naar elkaar als we tijdens onze get togethers deden, waarin we in onze warme sokken met mokken thee op de vloer lagen (Gwendolyn heeft vloerverwarming), want onze eigen plottwists verbleekten in 2021 bij wat er in de wereld speelde. Het merendeel van onze afspraken vielen in het water omdat er altijd wel iemand was met covid, of sympomen had die leken op covid, of omdat iemand in de buurt was geweest van iemand met covid. Bovendien was er in de omgeving altijd wel iemand die het even allemaal spuugzat was en helemaal klaar met covid, en daarop was er dan weer iemand die klaar was met covid-complotdenkers, en vervolgens waren er weer glazige blikken op persconferenties en gelaten zuchten, omdat we het allemaal eerder hebben gehoord. Er is inmiddels een soort tijdloosheid in de lockdowns gekropen. Meestal ging ik het afgelopen jaar de praktische dingen doen die ik moest doen en bleef ik iets verder op het ijs weer liggen.

Een alternatief voor constant luisteren naar alle talking heads was om gebruik te maken van onze zondagen om met rugtassen naar Arnhem af te reizen en mooie wandelingen te maken door Sonsbeek. Sonsbeek is pure wildwood. Emile en ik verdwijnen tussen de gigantische en eeuwenoude bomen, bezoeken het donkere sparrenbos in Zypendaal, klimmen op omgevallen stammen, maken foto’s van alle soorten paddenstoelen, bestuderen de kunstexposities als verwarde uiltjes, struinen door verwilderde velden, om als beloning bij een glazen gebouw met uitzicht op de schitterende zonnestralen op het water espresso’s te bestellen. Emile heeft als kind veel in Sonsbeek getuimeld, gespeeld en gedarteld. Los van mijn schoonfamilie ken ik verder niemand in Arnhem, dus het voelt als een overweldigende groene en heuvelachtige plek, waar ik met wilde haren en blote voeten in de beschutting van de bossen kan verdwijnen. Op de donkere dagen halen we warme stroopwafels op de markt of gaan we op het terras bij de witte villa zitten met uitzicht op de stad en bespreken we onze lievelingsonderwerpen, zoals de absurde huizenmarkt, zomergasten afleveringen, de absurde huizenmarkt, onze liefde voor Parijs en de absurde huizenmarkt. Op die mooie momenten met mijn lievelingssnoet waarin we fonteinen, regenbogen en glanzende witte zwanen tegenkomen, voelt alles zo harmonieus dat je de wereldse waanzin kunt vergeten.

De eerste lockdown waren we verslaafd aan Friends en The Big Bang Theory, de tweede lockdown aan Stranger ThingsOutlander, The Queen’s Gambit, de derde lockdown aan Normal People, de vierde lockdown zijn we verslaafd geraakt aan de klassieke gothic pulp van The Vampire Diaries, het zit vol met bloeddorstige victoriaanse vampieren uit 1806, met uitgerukte harten, scherpe, lange hoektanden, rondvliegende ledematen, brekende weerwolfbotten, afgetrokken hoofden, met ontzettend sterke bourbon en whiskey die tegen de ruiten vliegt, met de eeuwenoude betoveringen en vervloekingen van een zeldzame heksenfamiliestamboom. We zijn onder de indruk van de acteerkunsten van Nina Dobrev als Elena, Nina Dobrev als Catherine en Nina Dobrev als Elena die Catherine speelt. We kijken The Vampire Diaries met mangobananensmoothies, met sinaasappelsap, met appelkaneel thee, met bakjes rode druiven, met kerstkoekjes, met chocoladepastilles, met biologische yoghurtjes met frambozen, met pombeerchips, met chocoladekerstmannen, met mini-pepperonipizza’s, met amandelspeculaas en met walnotenhoningyoghurtjes.

Wat zo heerlijk is aan The Vampire Diaries, is dat iedereen altijd weer opstaat uit de dood. Ze zijn allemaal existential inbetweeners, die een gooi doen naar een normaal leven, wat ze natuurlijk voortdurend wordt verhinderd in Mystic Falls. Mensen vragen vaak of ik Gooische vrouwen heb gezien, maar Mystic Falls komt voor mij veel dichterbij, zeker als het om mijn thuisgevoel in de Vesting gaat. Volgens mijn wekedelenreumapeut komt dat omdat ik vroeger zoveel in de rouw heb gezeten, waardoor deze zijde en gene zijde nauw verbonden met elkaar zijn geraakt. Ik heb in het verlengde daarvan mijn eerste yogales per ongeluk gegeven op een graf in de Grote Kerk van Naarden (pas toen ik mijn matje weer had opgerold, zag ik overal de dode zielen die in groten getale in de zwartglanzende vloer van de kerk waren ingemetseld). Maar goed, ik moest toch ergens beginnen.

Some Forest Bathing

Aanbevolen artikelen